Ontwerp uitvoeringsbesluit nieuw taxidecreet – Taalvereisten

Ontwerp uitvoeringsbesluit nieuw taxidecreet – Taalvereisten

Overzicht van de nieuwe taaleisen die in het recent goedgekeurd ontwerp van uitvoeringsbesluit opgenomen zijn voor de chauffeurs en voor de exploitanten (vanaf volgend jaar)

 Dit is één van de nieuwe eisen die staan in de nota van de regering bij het ontwerp van uitvoeringsbesluit dat  recent in tweede lezing  goedgekeurd werd!

Nieuwe taaleisen worden opgelegd aan:

  • – Exploitanten (bij aanvraag vergunning) vanaf 1/1/2020
  • – Chauffeurs (bij aanvraag van hun bestuurderspas) vanaf 1/7/2020 


In het ontwerpbesluit wordt  een bepaald minimumniveau van kennis van het Nederlands opgelegd, nl. niveau B1 van het Europees Referentiekader voor Talen, wat het niveau is van een “onafhankelijke gebruiker”

Een persoon met de kennis van een niveau B1 kan:

  • * de belangrijkste punten begrijpen uit duidelijke standaardteksten over vertrouwde zaken die regelmatig voorkomen op het werk, op school en in de vrije tijd;
  • * zich redden in de meeste situaties die kunnen optreden tijdens het reizen in gebieden waar de betreffende taal wordt gesproken;
  • * een eenvoudige lopende tekst produceren over onderwerpen die vertrouwd of die van persoonlijk belang zijn;
  • * een beschrijving geven van ervaringen en gebeurtenissen, dromen, verwachtingen en ambities en kan kort redenen en verklaringen geven voor meningen en plannen.

Meer info over de taalniveaus vindt u hier:https://europass.cedefop.europa.eu/sites/default/files/cefr-nl.pdf

Lager Taalniveau A2 is voldoende gedurende het eerste jaar. Daarna moet men B1-niveau bewijzen.

Als de aanvrager (van de vergunning of van de bestuurderspas) enkel niveau A2 machtig is, kan hij de vergunning, resp”ctivelijk de bestuurderspas bekomen mits wordt aangetoond dat hij binnen de één jaar na aflevering van de vergunning of van de bestuurderspas over het taalniveau B1 beschikt.  

Waarom legt de Vlaamse regering die taaleisen op?

“Het vereiste niveau werd afgetoetst met de sector, waaruit ook bleek dat dergelijk niveau noodzakelijk is om kwalitatieve dienstverlening te kunnen aanbieden aan de klant/vervoerde persoon, zonder een disproportioneel hoog niveau te vereisen. Van een exploitant kan immers worden verwacht dat hij bij klachten zijn klanten mondeling en schriftelijk van antwoord kan dienen. Eveneens moet hij contact kunnen hebben met de verschillende bevoegde overheden, in de eerste plaats met de vergunning- en machtigingverlenende gemeentebesturen.”

Hoe kan men zijn taalkennis bewijzen?

“Het is niet de bedoeling dat er taalexamens zullen worden georganiseerd op Vlaams of gemeentelijk niveau. Het vereiste taalniveau kan op verschillende manieren worden aangetoond (bv. getuigschrift of diploma secundair onderwijs Vlaamse Gemeenschap, taaltest Selor, opleidingen gevolgd bij de Huizen van het Nederlands, Sociaal Huis, CVO etc.). De concrete stavingsstukken worden opgesomd in het aanvraagformulier.”

Bestaande exploitanten zijn tijdelijk vrijgesteld 

De houders van de huidige vergunningen, zoals van kracht vóór de inwerkingtreding van dit decreet, worden ertoe  gemachtigd hun diensten te blijven exploiteren conform de voorwaarden en gedurende de resterende duurtijd van de lopende vergunning. Hierdoor kan men onder de huidige regelgeving blijven werken waardoor er voor de huidige vergunninghouders ruimte is om indien nodig de taalvereiste machtig te worden.

Bron: http://www.gtl-taxi.be/8_0_0_0_NL_Nieuws_32881_1